Een lift instappen, zeggen naar welke verdieping je wilt en de rest aan iemand anders overlaten. Ook in Nederland was dat ooit mogelijk. Toch heeft lang niet iedereen herinneringen aan de liftbediende.
De lift heeft tegenwoordig een eenvoudige gebruiksaanwijzing. Je drukt op een knop, wacht tot de deuren opengaan en kiest je verdieping. Hoogstens vraagt iemand die dichter bij het bedieningspaneel staat: welke etage?
Ooit was dat een betaalde taak. In de cabine stond een liftbediende, ook wel liftjongen of liftboy genoemd. Je vertelde waar je heen wilde en hij zorgde dat je daar terechtkwam. De reiziger was passagier in de volle betekenis van het woord.
Ook in Nederland
Bij een liftbediende denk je misschien aan een buitenlands hotel uit een oude film. Maar het beroep bestond ook hier. Een concreet voorbeeld is Maison de Bonneterie in de Amsterdamse Kalverstraat. Die winkel kreeg in 1901 een elektrische lift, waarvoor een liftboy de bediening verzorgde.
Ook van de Bijenkorf zijn herinneringen bewaard gebleven. Op de website Geheugen van Oost vertelt Henk Penseel over een vroegere buurjongen, Leo Pruis, die hij later in de Bijenkorf terugzag als liftboy. Een klein persoonlijk detail dat laat zien dat het beroep werkelijk deel uitmaakte van het Amsterdamse winkelleven.
Buiten winkels kon een liftjongen deel uitmaken van het personeel van een woonhotel. Dat waren woongebouwen met gezamenlijke voorzieningen en dienstverlening, zoals een restaurant en personeel voor huishoudelijke taken. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed noemt de liftjongen expliciet bij die medewerkers. Tijdens het interbellum werden ongeveer veertig woonhotels in Nederland gebouwd, vooral in Den Haag.

Waarom iemand de lift bediende
Een vroege lift werkte niet vanzelf zoals een moderne lift. Afhankelijk van het systeem moest de bediende deuren of hekken sluiten, de lift in beweging zetten en de rit beëindigen. De precieze handelingen verschilden per installatie.
De ontwikkeling naar bediening door de passagier verliep in stappen. Drukknoppen en automatische besturing namen geleidelijk taken over die eerder door de bediende werden uitgevoerd. Daarbij bestonden ook tussenvormen: een lift met knoppen was niet onmiddellijk een lift zonder personeel.
De liftbediende hoorde dus bij een periode waarin een rit naar boven nog begeleiding vroeg. Wat voor ons een alledaagse handeling is, was ooit een voorziening waarvoor een gebouw iemand in dienst had.
Een bijzondere winkelervaring
Voor een winkel was een lift bovendien iets om mee te pronken. Rond 1900 verschenen zulke voorzieningen in Amsterdamse hotels en winkels als teken van comfort en aanzien. Maison de Bonneterie en het Victoriahotel behoorden tot de vroege voorbeelden.
Stel je een bezoek aan zo’n winkel voor. Je komt binnen vanaf een drukke straat, kijkt rond en wilt naar een afdeling boven. In plaats van zelf een knop te zoeken, geef je je bestemming door. Even later stap je op de juiste verdieping uit.
Zo’n rit maakte de afstand tussen straat en winkelafdeling tot een klein moment van dienstverlening. Ook onderweg werd je geholpen.

Bekend van Abeltje
De liftbediende kreeg ook een plaats in de Nederlandse verbeelding. Abeltje, het personage van Annie M.G. Schmidt, gaat werken als liftjongen in een warenhuis. Zijn werkplek wordt het vertrekpunt van een avontuur waarin de lift veel verder reist dan de bedoeling is. Ook de verfilming draait om dat baantje en de geheimzinnige knop waarop hij niet mag drukken.
Daardoor kun je het beroep kennen zonder ooit zelf met een liftbediende te zijn meegereisd. Voor sommige lezers roept het een winkelherinnering op; voor andere vooral een kinderboek.
Waarom niet iedereen hem heeft meegemaakt
De Nederlandse geschiedenis biedt een verklaring voor die uiteenlopende herinneringen. Automatische liftbesturing kwam vanaf de jaren dertig op. De grote groei van het aantal liften volgde vanaf de jaren vijftig, onder meer door de bouw van flats. Veel mensen maakten de lift dus pas regelmatig mee toen bediening door de gebruiker al mogelijk was.
Daaruit valt af te leiden dat de liftbediende nooit voor iedereen een vertrouwd verschijnsel hoefde te zijn. Of je hem tegenkwam, hing samen met de gebouwen die je bezocht en de periode waarin je daar kwam.
Een beroep dat uit de cabine verdween
De automatische lift nam steeds meer handelingen over. De bestemming kiezen werd een taak voor de passagier; het uitvoeren van de rit een taak voor de installatie. Daarmee verdween de praktische noodzaak van een bediende geleidelijk.
Wat overblijft, is een opmerkelijke gedachte bij iets wat we nauwelijks nog bijzonder vinden. Achter de vraag ‘Welke verdieping?’ ging ooit een beroep schuil.
En terwijl de één zich nog een liftjongen in een warenhuis herinnert, heeft de ander zijn hele leven zelf op het knopje gedrukt.
